Moeilijkheidswaardering klimroutes en boulders

Moeilijkheidswaardering klimroutes en boulders

Print

Moeilijkheidswaarderingen bij het klimmen variëren per land, per gebied, en per klimstijl. Wereldwijd zijn er verschillende schalen in gebruik om de moeilijkheidsgraad van een route aan te geven; voor rotsklimmen zijn het er zeker tien en voor boulderen minimaal drie. Om het extra lastig te maken geldt er voor bouldertraverses weer een aparte waardering.

Hoe zit het nu precies met de cijfertjes bij het rots/sportklimmen en het boulderen?

Subjectief
 
Het is lastig een moeilijkheidslabel op een route te plakken - deze is namelijk subjectief. Ze is niet exact te meten zoals de afstand van een marathon of het gewicht van een set halters. Het bepalen van de moeilijkheid van een route is een complex samenspel van factoren waaronder de soort rots, de overzichtelijkheid, de continuiteit en de stijl van de klim. Een waardering is ook niet statisch - grepen worden gladder of breken af, weersomstandigheden spelen een rol, en de voorkeur van klimmers voor een bepaalde stijl verandert met de de tijd.

De grenzen van een moeilijkheidsgraad liggen ook niet vast. Er kan per hal, per gebied of per land een bepaalde afwijking van het gemiddelde zijn. Zo gelden sommige gebieden als 'makkelijk' en andere gebieden als 'moeilijk'. 

Geschiedenis 
In de loop van de twintigste eeuw zijn er een aantal schalen bedacht om de moeilijkheid van een klim weer te geven. Daar waren twee belangrijke redenen voor: mensen willen zich meten èn je wilt graag weten wat je te wachten staat. Dat laatste geldt zeker als het om lange, gevaarlijke tochten of beklimmingen gaat. In eerste instantie keek men naar de tocht/klim als geheel, later werdt gekeken naar de (technisch) moeilijkste passage van een klim of (een deel van) een touwlengte.

Deze ontwikkelingen gebeurden in diverse landen onafhankelijk van elkaar. Dat verklaart het naast elkaar bestaan van de verschillende schalen. In de jaren 70 groeiden rotsklimmen en alpinisme steeds meer uit elkaar. In de meeste gebieden werd voorheen een beetje neergekeken op puur rotsklimmen - dat was slechts trainen voor grote alpiene routes. Vanaf nu was rotsklimmen een echte sport en werd er harder dan voorheen getraind. De sky was de limit en in 10 jaar tijd ging het niveau van 7b naar 8c.   

De max?
Op het moment van schrijven ligt de top qua klimmen op 9b+ Rotpunkt en 9a on sight. Het hoogst door Nederlanders behaalde niveau is respectievelijk 9a en 8b+. De top voor vrouwen ligt slechts iets lager op 9a(+) Rotpunkt en 8b+(c) on sight en voor Nederlandse dames 8c Rotpunkt en 8a+ on sight. 

Voor het boulderen ligt de max op 8C+. Van on sight wordt hier eigenlijk nooit gesproken, van flash wel. Het maximale niveau ligt daarbij op 8b+. Voor vrouwen zijn beide cijfers respectievelijk 8B(+) en 8A+. 

In klimhallen in Nederland en in België en in de sportklimgebieden buiten Duitstalige gebieden wordt doorgaans de Franse schaal gehanteerd. Voor boulders wordt de Fontainebleau-schaal gebruikt. Zoals je ziet geven we de moeilijkheidswaardering van sportklimroutes in kleine letters en die van boulders in hoofdletters. Deze conventie is een aantal jaar geleden bedacht door de bekende website/klim-database 8a.nu en wordt steeds vaker gebruikt. Het totaal verschillende karakter van beide disciplines maakt dat de moeilijkheid van een 6a (route) niet met die van een 6A (boulder) is te vergelijken. 

Een waardering geven
Als een route voor het eerst geklommen en (en bij sportklimroutes ingericht) wordt, heet dit het openen van de route. De klimmer die de route opent geeft de route vaak een naam en doet meestal een voorstel voor de moeilijkheidsgraad. Aan de hand van herhalingen van de route door andere klimmers wordt de moeilijkheidsgraad bevestigd of bijgesteld. In tegenstelling tot wat vaak wordt gedacht of beweerd wordt, worden in de meeste gebieden routes gewaardeerd op een Rotpunkt-beklimming (uitwerken) en niet op de on sight beklimming*. 

In sommige gebieden wordt echter wel specifiek op de on sight gewaardeerd. Het bekendste voorbeeld is Groot Brittanië. Hier wordt de traditionele waardering voor traditionele, niet behaakte routes gebruikt en de franse schaal voor sportklimroutes. De traditionele routes zijn in principe op de on sight gewaardeerd, maar het blijkt lastig om dat in de hogere moeilijkheden (>E8) vol te houden. Die worden immers nooit on sight geklommen. De sportklimroutes zijn wel weer voor de rotpunkt gewaardeerd. In sommige oost-Europese klimgebieden zoals het Elbsandstein worden veel routes van (zeer schaarse) haak naar haak gewaardeerd. Wie een route in één ruk van onder tot boven klimt komt in dat geval soms voor verrassende moeilijkheden te staan.  

Moeilijkheidsschalen rotsklimmen/sportklimmen
Er zijn wereldwijd vijf schalen die vrij algemeen gebruikt worden; de Franse, de UIAA-waardering, de Britse, de US-decimal grade en de Ewbank schaal in Australië. Behalve deze vijf schalen bestaan er in voormalig Oost-Duitsland (o.a. Elbsandstein), Noorwegen/Zweden, Finland en Brazilie ook eigen schalen.

Voor alle schalen/gebieden geldt dat er normaliter alleen op technische moeilijkheid en continuiteit wordt gewaardeerd - de UK-schaal uitgezonderd, waarover later meer. Er wordt geen onderscheid gemaakt tussen behaakte (sportklim)routes en niet of deels behaakte traditionele routes. De factor angst of gevaar zou geen rol van betekenis mogen spelen in de waardering: twee identieke routes van 30 meter met respectievelijk 5 haken en 15 haken voelen heel anders, maar zouden gelijk gewaardeerd moeten worden. In de praktijk zijn klimmers net mensen en komen dit soort factoren wel degelijk in de waardering van routes naar voren.

De uiteindelijke moeilijkheid van een route is een combinatie van gevoel, inzicht techniek en kracht(uithoudingsvermogen). Subjectiviteit speelt een grote rol. Een stijl die de één ligt, zal de ander lastig vinden. Ook de mate van (ontbreken van) behaking zal van invloed zijn op je beleving van een route. Staar je daarom niet blind op de moeilijkheidswaardering van een route, maar beoordeel zelf of de route je om welke reden dan ook past of niet.

In onderstaande tabel vind je een overzicht van de vijf meest gebruikte moeilijkheidsschalen bij het rots/sportklimmen. De verhoudingen van de schalen in de tabel ten opzichte van elkaar kan afwijken van andere overzichten die je in klimgidsjes of op internet kunt vinden. Het is niet zoals het vergelijken van feet's en inches met meters en centimeters - er bestaat geen 'officiele' referentietabel of omrekenfactor.

Frankrijk* UIAA/Duitsland* UK** Australia* USA*
1,2 I-II Mod/Diff 8-9 5.1-5.2
3 III Vdiff/HVDiv 10-11 5.3-5.4
4 IV S/HS 12 5.5
4+ IV+ VS 13 5.6
5a V VS/HVS 14 5.7
5b V HVS 15 5.8
5c V+ HVS 16 5.9
5c+ VI E1 5a 17 5.10a
6a VI+ E1 5b - E2 5a 18 5.10b
6a+ VI+ / VII- E1 5c - E3 5b 19 5.10c
6b VII E2 6a - E4 5c 20 5.10d
6b+ VII/VII+ E3 5c - E5 6a 21 5.11a
6c VII+ E3 6a - E5 6a 22 5.11b
6c+  VIII- E4 6a - E5 6b 23 5.11c
7a VIII E4 6b - E6 6b 24 5.11d
7a+ VIII+ E5 6b - E6 6b 25 5.12a
7b VIII+/IX- E5 6c - E7 6c 26 5.12b
7b+ IX- E6 6b - E8 6c 27 5.12c
7c IX E6 6c - E8 6c 28 5.12d
7c+ IX / IX+ E6 6c - E9 7a 29 5.13a
8a IX+ E7 6c - E9 7a 30 5.13b
8a+ X- E7 7a - E10 7a 31 5.13c
8b X E8 7a - E10 7a 32 5.13d
8b+ X / X+ E8 7a - E11 7a 33 5.14a
8c X+ E9 7b - E11 7a 34 5.14b
8c+ XI- ? 35 5.14c
9a XI ? 36 5.14d
9a+ XI+ ? 37 5.15a
9b XI+/XII- ? 38 5.15b
9b+  XII- ? 39  5.15c 

* De moeilijkheidswaardering van een route heeft betrekking op de gehele route. Ze is een resultante van de individuele passages en de moeite die het kost om ze met elkaar te verbinden. Het is niet altijd duidelijk of een route op de on sight of de rotpunkt is gewaardeerd. In veel gebieden claimt men dat de route op de on sight is gewaardeerd, teriwjl dit in werkelijkheid niet het geval is. 

** De dubbele waardering (bijv. E7 6b) bestaat uit de 'adjective difficulty' en een cijfer+letter voor de maximale technische (boulder)passage die je op de route zult vinden. Een vergelijking van de UK-schaal met andere moeilijkheidsschalen is erg lastig. In de adjective grade worden allerlei moeilijk te kwantificeren factoren betrokken die invloed op de waardering hebben. De UK-schaal is voor de hogere moeilijkheidsgraden vanaf E8 puur theoretisch. Dit soort routes wordt namelijk (nog) niet on sight geklommen, terwijl de waardering wel voor een onsight is.  

Moeilijkheidsschalen boulderen
Boulderen is pas sind songever het jaar 2000 echt populair geworden. Er zijn mede daarom minder moeilijkheidsschalen in omloop. De belangrijkste die gebruikt worden zijn de Amerikaanse V-schaal en de Fontainebleau-schaal. In Groot-Brittanië wordt gewerkt met een afgeleide van de Amerikaanse schaal die bij de makkelijkere boulders afwijkt.  

 

VS

Bleau

UK

VB 3  
V0- 4-  
V0 4 B1
V0+ 4+ B2
V1 5 B3
V2 5+  
V3 6A B4
  6A+ B5
V4 6B  
  6B+ B6 
V5 6C  
  6C+  
V6 7A B7
V7 7A+ B8
V8 7B  
  7B+  
V9 7C B9
V10 7C+ B10
V11 8A B11
V12 8A+ B12
V13 8B B13
V14 8B+ B14
V15 8C B15
V16 8C+ V16

 

Meer lezen?
Een goed overzicht van de ontwikkeling van de diverse schalen kun je op Wikipedia vinden:

http://en.wikipedia.org/wiki/Grade_(climbing)

Auteur: Harald Swen
Laatste wijziging: 26-07-2016

 

Print
Deze site maakt gebruik van cookies. Meer info?