|
|
Inbinden toprope in de hal: achtknopen en extra beveiligde karabinersEr zijn globaal twee manieren om je in de klimhal bij toprope-klimmen in te binden. Het zogenaamde directe inbinden met een teruggestoken achtknoop en het indirecte inbinden met een of meerdere karabiners. In dit artikel besteden we aandacht aan beide methoden. Tot slot geven we antwoord op de vraag wat met een extra beveiligde karabiner of safebiner wordt bedoeld. Inbindmethoden en aandachtspunten bij inbinden De beide inbindmethoden kennen hun voors en hun tegens. Wie er meer over wil lezen verwijzen we naar het artikel van de Sicherheitsforschung van de Duitse Alpenvereniging. Hieronder vind je het als download. Het artikel omschrijft de best-practise situatie voor het inrichten van toprope-touwen in klimhallen. Daarnaast gaat het artikel in op een aantal veel voorkomende fouten die optreden bij het inbinden bij toprope-routes in klimhallen. Download hier het Duitstalige artikel 'Empehlungen zur Einrichtung von fixen Toprope-Stationen in Künstlichen Kletteranlagen'.
Voorgeknoopte achtknopen Eén van de fouten die kunnen optreden bij het indirect inbinden is het loswerken van een lus uit de voorgeknoopte achtknoop. Het gevaar bestaat dat men zich vervolgens aan deze 'valse' lus inbindt. Dit is geen theoretisch verhaal maar is daadwerkelijk meermaals in de praktijk gebeurd. Ook in Nederlandse hallen zijn al dergelijke touwlussen waargenomen. Meer over dit potentiële gevaar kun je lezen in het artikel 'Achterknoten als lauernde Gefahr' (Berg und Steigen 1-2004). Download hier het Duitstalige artikel 'Achterknoten als lauernde Gefahr' uit Berg und Steigen nr. 1/2004, p.38-40. Afbeelding boven: uit een voorgeknoopte acht in de klimhal kan een lus zich loswerken. Bron: DAV Sicherheitsforschung. Hardleers? Er is onlangs een artikel in de Berg und Steigen verschenen dat goed past in dit kader. Het gaat over de redenen waarom 'we' niet allemaal altijd op de veiligste manier werken - ook al weten we wat die manier is. En ook al is het relatief makkelijk om op die 'veiligste' manir te werken. Een voorbeeld: waarom leggen we niet altijd standaard een knoop in het uiteinde van het touw? Waarom gebruiken we niet altijd bij het indirect inbinden een dubbele schroef/safebiner. Een interessant artikel voor iedereen die zich beroepshalve of in verenigingsverband bezig houdt met de veiligheid in de klim- en bergsport. Download hier het Duitstalige artikel 'Warten wir noch ein paar tote ab' uit Berg und Steigen nr. 2/2007, p38-45. Apropos Berg und Steigen: klik hier voor meer informatie over Berg und Steigen, het tijdschrift voor Risicomanagement in de bergsport.
Beveiligde karabiners en 'safebiners' Bij indirect inbinden heb je grofweg twee opties waaruit je kunt kiezen. Of je gebruikt een zogenaamde 'extra beveiligde larabiner' (safebiner), of je gebruikt twee (tegengesteld ingehangen) normale schroefkarabiners. De klimhallen verenigd in de Branchevereniging KlimSport (BKS) verplichten iedereen (met ingang van 1 januari 2012) om minimaal één 'extra beveiligde larabiner' (safebiner) te gebruiken bij het indirect inbinden. Twee tegengesteld gedraaide schroefkarabiners volstaan echter ook. Er zijn echter zo veel verschillende soorten extra beveiligde karabiners op de markt dat je door de bomen het bos niet meer ziet. Er is vooral onduidelijkheid over wat nu precies met de term ‘safebiner’ of 'extra beveiligde karabiner' wordt bedoeld. In het NKBV-artikel 'Gebruik van extra beveiligde karabiners' vind je hier uitleg over.
Zogenaamde 'extra beveiligde karabiners', ook wel bekend onder de term 'safebiners': van links naar rechts de Petzl Ball-Lock, de DMM BelayMaster, een karabiner met bajonetsluiting (1=duw, 2=draai, 3=trek, 4 niet afgebeeld = open) en een karabiner met trek/draaisluiting. Bron: DAV, Empfehlungen zur Einrichtung von fixen Toprope-Stationen in Künstlichen Kletteranlagen, 2009.
Laatste wijziging 21-03-2012
![]() |
Landelijke agenda |
|||

